We gebruiken cookies om inhoud en advertenties te personaliseren, om functies voor sociale media aan te bieden en om de toegang tot onze website te analyseren. We delen ook informatie over uw gebruik van onze website met onze partners op het gebied van sociale media en analyse. Onze partners kunnen deze informatie combineren met andere informatie die u aan hen hebt verstrekt of die zij hebben verzameld als onderdeel van uw gebruik van de services. U accepteert onze cookies wanneer u klikt op “Accepteren” en deze website blijft gebruiken.

Accepteren Weigeren Privacy verklaring

Globaland

Globaland

Op donderdag 17 en vrijdag 18 januari hebben de tweede klassers meegedaan aan het project ‘Globaland’. Het project staat in het teken van de virtuele wereld die

Globaland heet. De situatie in de landen in Globaland is problematisch. Er is

bijvoorbeeld slecht onderwijs, er zijn geen goede wegen en het milieu is vervuild.

 De leerlingen vormen in groepjes de nieuwe leiders van deze landen. In vier spelrondes is het hun taak om de situatie in hun land te verbeteren en zodoende Globa’s te

verdienen. Een van de opdrachten gaat over het maken van spijkerbroeken. Er wordt

uitgelegd hoe en waar katoen wordt verbouwd. Er wordt door de bevolking hard

gewerkt om katoen te verbouwen. Bij de bank geld lenen kunnen ze niet en dus

lenen ze geld bij criminelen onder hele slechte voorwaarden. Als de boer een goede oogst heeft is er niets aan de hand. Als de oogst slecht is en de boer dus zijn schuld niet kan afbetalen, raakt hij alles kwijt.

De leerlingen spelen verschillende scenes waarin duidelijk wordt hoe slecht het gaat in arme landen. Er wordt voor heel weinig geld gewerkt en de grote bedrijven verdienen bakken met geld. Uiteindelijk wordt een spijkerbroek onder vreselijk omstandigheden gemaakt en verkocht aan de consument. Gelukkig is er tegenwoordig fairtrade en kan iedereen zien of een broek onder de juiste omstandigheden is gemaakt. Na elke ronde moeten de leerlingen hun verdiende

Globa’s verdelen. Het is natuurlijk belangrijk dat het land tevreden is. Bij de meeste leerlingen zijn de bewoners niet blij. Na elke ronde moesten de groepjes voor de klas

uitleggen hoe het gaat met hun land. Alleen goed of slecht mag niet. Ze moesten dus echt vertellen wat er goed of fout gaat. Nu ze weten wat er mis gaat, moeten ze met de andere landen in overleg om hun land beter te maken. Op naar de volgende ronde en hopelijk gaat het nu beter. Er wordt ook uitgebreid stilgestaan bij vluchtelingen. Waarom zou je vluchten? Wat neem je mee? Hoe ga je vluchten? Hoe kom je aan geld in je nieuwe land? Hoeveel mensen vluchten er Jaarlijks? Er worden goede antwoorden gegeven en een hoop leerlingen wisten niet dat het zo erg was en al helemaal niet dat er 60 miljoen mensen op de vlucht zijn.

In Zuid-Amerika wordt soja verbouwd. Deze soja wordt in Europa gebruikt voor

bijvoorbeeld voer voor dieren. Om meer bouwgrond te krijgen worden er bossen

weggehaald en land ingepikt. Er wordt veel gif gebruikt en dat tast de gezondheid van de bewoners. Er ontstaan dus problemen in andere landen omdat wij goedkope

grondstoffen willen. Al met al hebben ze in twee dagen een hoop geleerd.

De grote winnaars van dit jaar zijn: Quinten, Diego, Tygo, Jasper, Jessy en Ot. Zij

mogen gaan zwemmen.